Invoering wet meer zekerheid flexwerkers waarschijnlijk naar 2028

March 23, 2026

De wet meer zekerheid flexwerkers is een van de meest ingrijpende hervormingen voor de arbeidsmarkt van de afgelopen jaren. Voor uitzendwerkgevers brengt het wetsvoorstel grote veranderingen mee, onder meer voor het fasensysteem dat de kern vormt van de arbeidsrelatie tussen uitzendkrachten, bureaus en inleners. 

 

De invoering van de wet is opnieuw uitgesteld. Naar verwachting zal het deel over de gelijkwaardige beloning voor flexwerkers op 1 januari 2027 worden ingevoerd. De andere onderdelen van de wet volgen vermoedelijk per 1 januari 2028. Dit extra jaar biedt wat meer ruimte voor voorbereiding, maar zorgt tegelijkertijd ook voor langere onzekerheid. 

 

Waarom wordt invoering van de wet uitgesteld? 

Het uitstel kent twee belangrijke oorzaken: 

  1. De parlementaire behandeling loopt vertraging op. Het wetsvoorstel moet nog worden behandeld in zowel de Tweede Kamer als de Eerste Kamer. Die behandeling kost tijd, zeker omdat de wet een brede impact heeft op werkgevers, werknemers, uitzendorganisaties en uitvoeringsinstanties. Pas wanneer beide Kamers akkoord zijn, kan de wet worden ingevoerd. 
  2. UWV heeft meer tijd nodig voor de uitvoeringsvoorbereidingen. Het UWV speelt een belangrijke rol in de uitvoering van de nieuwe regels. Zo moeten systemen worden aangepast, processen worden herzien en medewerkers worden opgeleid. Uit de praktijk blijkt dat dergelijke voorbereidingen een omvangrijke operatie vormen. De overheid geeft aan dat UWV meer tijd nodig heeft, wat direct invloed heeft op de invoeringsdatum. 

 

Wat betekent dit voor uitzendwerkgevers? 

De uitzendbranche staat midden in grote veranderingen, en de wet meer zekerheid flexwerkers raakt direct aan de manier waarop je werkt. Een van de meest besproken onderdelen is de verkorting van fase B/3 naar maximaal twee jaar. Zolang de wet nog niet is ingevoerd, blijft echter het huidige fasensysteem van kracht: 

  • Fase A / 1-2 blijft gelden met de bestaande duur (52 gewerkte weken) en bepalingen. 
  • Fase B / 3 blijft vooralsnog de huidige maximale duur (6 contracten in 3 jaar) houden, totdat de wet daadwerkelijk wordt ingevoerd. 

Zodra de wet wél ingaat, kan het overgangsrecht dat in de uitzend-cao is opgenomen worden toegepast. 

 

Het overgangsrecht in de uitzend‑cao: hoe werkt het precies? 

Zonder overgangsrecht zou een lopend fase B/3‑contract dat op de datum van invoering van de wet al langer dan twee jaar loopt, direct in strijd zijn met de nieuwe wettelijke maximale duur en dus transformeren naar een overeenkomst fase C/4. Dat is om meerdere redenen onwenselijk. Daarom is in de cao een regeling opgenomen om deze overgang geleidelijk en werkbaar te laten verlopen. 

 

Het overgangsrecht houdt in dat: 

  • Bestaande fase B/3‑contracten die vóór de invoeringsdatum van de wet zijn aangegaan, mogen worden uitgediend volgens de oude maximale duur van drie jaar. 
  • Dit geldt óók wanneer de resterende looptijd betekent dat het contract ná invoering van de nieuwe wet doorloopt. 
  • Pas voor nieuwe fase B/3‑contracten die ná de invoering van de wet worden aangegaan, geldt direct de nieuwe maximale duur van twee jaar. 

 

Concreet betekent dit: als een uitzendkracht op het moment van invoering van de wet al 1,5 jaar in fase B zit met een contract van 12 maanden dat nog 6 maanden doorloopt, dan mag dit contract volledig worden afgemaakt – ook al wordt de totale duur daarmee 2,5 jaar. 

 

Vooruitblik 

De wet meer zekerheid flexwerkers is nog niet definitief vastgesteld, maar dat de invoering opschuift naar 2028 lijkt inmiddels aannemelijk. Voor de uitzendbranche betekent dit iets meer voorbereidingstijd, waarbij het zinvol blijft om de ontwikkelingen op de voet te volgen. 

 

Als je naar aanleiding van bovenstaande informatie vragen hebt, neem dan contact met ons op!

Contact