Massaclaim van uitzendkrachten
Minister Vijlbrief stelt dat Nederland jarenlang Europese regels over gelijke beloning niet correct heeft toegepast, waardoor uitzendkrachten structureel zijn benadeeld. Tegelijkertijd blijkt uit onderzoek dat uitzendkrachten hierdoor mogelijk miljarden aan loon zijn misgelopen. Voor jou als uitzendondernemer is dit geen ver-van-je-bed-show: het raakt direct aan beloningsafspraken, risico’s op claims en de noodzaak om je processen op orde te hebben.
Miljarden misgelopen loon voor uitzendkrachten
Onderzoek van RTL Nieuws en Follow the Money (FTM) toont aan dat uitzendkrachten door deze praktijk structureel zijn onderbetaald. Het onderzoek becijfert dat het gaat om miljarden euro’s aan misgelopen loon over een periode van meerdere jaren. Dat komt onder meer door het niet (volledig) toepassen van looncomponenten zoals periodieken, toeslagen en andere vaste beloningselementen die wél voor vaste medewerkers gelden.
Nederland handelde in strijd met Europese regels
In reactie op dit onderzoek geeft minister Vijlbrief aan dat Nederland de Europese Uitzendrichtlijn jarenlang onjuist heeft toegepast. Die richtlijn schrijft voor dat uitzendkrachten recht hebben op dezelfde essentiële arbeidsvoorwaarden als werknemers in dienst bij de inlener, waaronder loon. In Nederland was dat tot 2026 uitgewerkt via het principe van de inlenersbeloning.
De minister erkent nu dat de ruimte die cao’s in de uitzendsector boden om hiervan af te wijken, niet in lijn was met het Europese recht. Met name de mogelijkheid om via cao-afspraken af te wijken van gelijke beloning strijdt met Europees recht. Dat zou betekenen dat uitzendkrachten mogelijk vanaf dag één recht hadden op volledige gelijkstelling met werknemers van de inlener.
Voorbereiding van een massaclaim
Inmiddels wordt vanuit vakbonden gewerkt aan een massaclaim namens (oud-)uitzendkrachten. Het doel daarvan is om collectief nabetaling van misgelopen loon af te dwingen over meerdere jaren. Voor uitzendondernemers kan dit grote gevolgen hebben. Denk aan forse financiële claims, reputatieschade en een toename van juridische procedures, ook als je destijds handelde conform de toen geldende cao.
Reactie uitzendbranche
De ABU en NBBU benadrukken in hun reactie op het onderzoek van RTL Nieuws en FTM dat de uitzend-cao volledig in overeenstemming is met de geldende wet- en regelgeving. Dit standpunt wordt volgens de brancheorganisaties niet alleen breed gedragen binnen de sector, maar is in het verleden ook bevestigd door de wetgever, de Europese Commissie (in 2014) en de rechtspraak. Daarbij wijzen de ABU en NBU erop dat de beweging richting gelijkwaardige arbeidsvoorwaarden juist vanuit de sector zelf is ontstaan. Al in juni 2021 bereikten werkgevers- en werknemersorganisaties hierover overeenstemming in het SER MLT-advies. ABU en NBBU hebben samen met vakbonden actief gewerkt aan structurele verbeteringen van de positie van uitzendkrachten, niet alleen op het gebied van beloning, maar ook ten aanzien van fasering en keurmerken. Volgens de brancheorganisaties zijn deze stappen voortvarend opgepakt en is gelijkwaardigheid inmiddels stevig verankerd in de cao.
Als je naar aanleiding van bovenstaande informatie nog vragen hebt, neem dan contact met ons op!
